Inleiding, lezingen en overweging Petra Galama 9 aug. ’26

Ik heb een lezing gekozen uit Jesaja. Toen ik die herlas, moest ik bekennen dat ik toch wel spijt kreeg van mijn keuze. Vooral de woorden: ‘Ik vorm het licht en schep de duisternis, Ik breng vrede en onheil’ vond ik toch wel moeilijke woorden om te verwerken. Onlangs had ik hierover een gesprek met een dierbare vriend. De toon van dat gesprek maakte toch wel duidelijk wat een gevoelig onderwerp het is om te spreken over God.

Wij zijn gewend om woorden uit te leggen als wiskunde, een soort zwart-wit. Maar spreken over God is eigenlijk een vorm van poëzie. Je mag het beluisteren als een lied dat steeds nieuwe vergezichten opent, zoals mijn reis vanochtend hiernaartoe, en dat ons langzaam het mysterie wil laten ontdekken. God is een heel diep mysterie; goed en kwaad, licht en donker evenzo.

Ik heb verschillende vertalingen bekeken. Soms staat er niet onheil maar kwaad. Toch spreekt onheil mij meer aan. Er gebeurt immers veel in ons leven waarvoor niemand verantwoordelijk is. Verdriet, verlies en kwetsbaarheid horen bij het mens-zijn. En ik denk weleens: we mogen ook wel leren wat meer verdrietig te zijn. Dat is de kunst – het leren dragen van verdriet, er naar luisteren. Dat hoor ik ook in de woorden van Etty Hillesum, die we straks zullen lezen.

De tekst van Jesaja ontstaat in een tijd van bevrijding tussen 600 en 500 voor Christus. Koning Cyrus maakt een einde aan het Babylonische Rijk en sticht het Perzische Rijk. Hij liet de Joden terugkeren naar hun eigen land en traditie. Cyrus stond bekend om zijn grote religieuze en culturele tolerantie zijn denken was geworteld in de leer van Zarathustra, die al eeuwen eerder had geleefd. Daarover is een mooi boek over geschreven door een Iraanse schrijver die nu in Nederland woont – Kader Abdolah. Je leest daarin hoe die oude culturen al duizenden jaren vóór Christus in beweging waren in het gebied van de Vruchtbare Halve Maan: Iran, Egypte, Palestina. Al die gebieden stonden met elkaar in verbinding. De steppevolken trokken daar rond, en ook de spiritualiteit was voortdurend in beweging.

In de spiritualiteit van Zarathustra zijn er, voor zover ik het goed begrijp, twee goden: een god van het goede en een god van het kwade. Maar Jesaja zegt: er zijn niet twee machten, één van licht en één van duisternis, maar één God die aanwezig is in heel ons bestaan. Dat vind ik troostrijk. Het betekent dat licht en duisternis geen twee gescheiden werkelijkheden zijn. Ook in onze pijn, onze gewondheid en ons verdriet kan iets van een mysterie verborgen liggen. Zoals Christus zijn wonden laat aanraken, zo worden ook wij uitgenodigd onze eigen gewondheid aan te raken.

Ik heb ook een fossiel meegenomen. Een levend wezen dat gekristalliseerd is. Deze is nog relatief jong: slechts 170 miljoen jaar oud. Thuis heb ik er nog een van 400 miljoen jaar. Dat geeft aan dat er hier iets is wat we niet kunnen bevatten – de stroom van de tijd, van licht en schaduw. De fossiel verbeeldt het onbegrijpelijke waar ik u in deze viering in mee wil nemen. Daarom nodig ik u uit om deze woorden van te lezen als een mysterie. Misschien ontdekt u daarin iets van uw eigen leven, Van licht én schaduw, en van de verborgen aanwezigheid die beide omvat.

Jesaja 45, 6-12
Van oost tot west zal iedereen weten dat er behalve Mij geen God is. Alleen Ik ben God, en niemand anders.  Alleen Ik maak het licht en de duisternis. Alleen Ik breng vrede en onheil. Ik, God, ben het die dat doet. Hemel, laat rechtvaardigheid neerdruppelen als de dauw. Wolken, laat rechtvaardigheid neerstromen als de regen. Aarde, doe je mond open, zodat goedheid ontkiemt en rechtvaardigheid daaruit opgroeit. Ik, God, heb dit gedaan.”

God hoeft aan niemand uit te leggen waarom God iets doet. God zegt: “Het zal slecht aflopen met de mensen die ruzie zoeken met hun Maker. Ze zijn maar als een potscherf tussen andere scherven. Durft soms de klei tegen de pottenbakker te zeggen: ‘Wat maak je?’ Of durft de pot die de pottenbakker gemaakt heeft soms van zijn maker te zeggen: ‘God kan er niets van!’? Je kan ook niet tegen je vader zeggen: ‘Waarom heeft u mij gemaakt?’ Of tegen je moeder: ‘Waarom heeft u mij op de wereld gezet?’  Volk van Israël, Ik ben jullie Maker. Ik ben jullie Heilige God. Durven jullie Mij te vragen wat Ik ga doen? Durven jullie Mij te zeggen wat Ik moet doen met het volk dat Ik gemaakt heb? Ik heb de aarde gemaakt en de mensen die daarop wonen. Ik heb dat gedaan. Mijn handen hebben de hemel gemaakt. Ik heb de zon, de maan en de sterren bevolen hoe ze moeten gaan.

Johannes 20, 26b-29
Jezus kwam in hun midden staan. ‘Vrede zij met jullie!’ zei Hij, en daarna richtte Hij zich tot Tomas: ‘Leg je vingers hier en kijk naar mijn handen, en leg je hand in mijn zij. Wees niet langer ongelovig, maar geloof.’ Tomas antwoordde: ‘Mijn Heer, mijn God!’ Jezus zei tegen hem: ‘Omdat je Me gezien hebt, geloof je. Gelukkig zijn zij die niet zien en toch geloven.

Etty Hillesum
‘Hineinhorchen’, ik wilde dat ik daar een goede uitdrukking voor kon vinden. Eigenlijk is mijn leven één voortdurend ‘hineinhorchen’ in mijzelf, in anderen, in God. En als ik zeg dat ik ‘hinein horch’, dan is het eigenlijk God die in mij ‘hinein horcht’. Het wezenlijkste en diepste in mij dat luistert naar het wezenlijkste en diepste in de ander. God tot God.

‘Vorwegnehmen’. Ik weet hier geen goed woord voor. Zoals ik hier nu lig, sinds gisterenavond, verwerk ik vast een beetje van het vele lijden dat er over de hele wereld verwerkt moet worden. Ik breng vast een beetje van het lijden van de komende winter onderdak. In een keer gaat dat toch niet. Het wordt een zware dag voor me vandaag. Ik blijf maar stil liggen en ‘nehme’ iets ‘vorweg’ van alle zware dagen die er nog komen zullen.

Overweging
Er zijn zinnen in de Schrift die niet op afstand blijven, maar dichtbij komen, alsof ze onze naam noemen. Vandaag horen we zo’n zin: ‘Leg je vingers hier en kijk naar mijn handen, en leg je hand in mijn zij.’ Tomas wil de wonden aanraken, omdat juist waar het leven gewond is, wij het meest naar betekenis zoeken. Het is immers onbegrijpelijk dat in verdriet, leegte en donkerte ook betekenis ontvangen mag worden.

Christus’ verrijzenis heeft de wonden niet weggenomen; ze blijven zichtbaar en worden zelfs de ruimte van herkenning. Alsof Christus ons wil laten voelen dat wij onze eigen wonden niet hoeven te verbergen. Wanneer wij durven blijven bij wat pijn doet, bij wat niet opgelost is, bij verdriet en bij verlies, kan zich iets van het mysterie van de liefde openen. Ook al willen we eigenlijk de pijn niet dragen. Dat vraagt om vertrouwen. Om wachten. Om te geloven in wat wij nog niet kunnen zien.

Vandaag horen we ook de woorden van de profeet Jesaja: ‘Ik maak het licht en de duisternis. Ik breng vrede en onheil.’ Dat zijn woorden die ons kunnen verontrusten. Wij verlangen immers naar een God die alleen licht brengt en niet de duisternis kent. Maar Jesaja spreekt over één God, die ook aanwezig is in de verwarring van ons bestaan, in de vragen waarop geen antwoord komt en in de nacht waarin wij de weg niet meer zien.
Hij vergelijkt ons met klei in de handen van een boetseerder. Wij hoeven niet de schepper van onszelf te zijn. Er is een Boetseerder die ons vormt en die de klei nooit loslaat, ook niet wanneer het donker is.

Dat helpt misschien ook om anders naar de geschiedenis van de wereld te kijken. Er is veel donkerte in de wereld, en het doet ons verdriet. Hoe kan dat ooit goed komen? Maar de geschiedenis draagt tegelijk een veel groter mysterie, een beweging die al miljoenen jaren het leven vormt. Ons denken reikt nauwelijks tot zulke diepten van tijd.

Daarom heb ik een ammoniet meegenomen van miljoenen jaren oud. Ooit was het een levend wezen, een inktvis in een schelp; door de tijd heen is het langzaam versteend en uitgekristalliseerd. Elk versteend segment van de schelp draagt een eigen tekening, een eigen kleur, een eigen kristalstructuur. De spiraal herinnert aan een beweging naar binnen, aan een langzaam proces van verinnerlijking. Elk kristal vertelt iets van een proces dat zich voltrok buiten het oog van mensen. Misschien is dat ook een beeld van ons eigen leven. Wij zien vaak alleen de breuklijnen, de wonden en de vragen waarop geen antwoord komt. Maar in een diepere tijd, die wij niet kunnen meten, voltrekt zich een beweging van omvorming. Het beeld van God dat in ons leeft, kristalliseert langzaam uit. Door een leven waarin licht en schaduw, vreugde en verdriet, geduldig met elkaar worden verweven.

Misschien is dat wat wij mogen leren van Etty Hillesum. Zij schrijft dat haar leven één voortdurend luisteren is: luisteren naar binnen, naar de ander en naar God. Alsof God in ons luistert. En terwijl zij stil ligt, draagt zij alvast iets van het lijden dat nog komen zal. Niet omdat zij het begrijpt, maar omdat zij blijft luisteren en zich toevertrouwt aan een werkelijkheid die groter is dan wijzelf. En terwijl zij stil ligt, draagt zij alvast iets van het lijden dat nog komen zal.

Misschien is dat waarom Christus ons zijn wonden laat aanraken: niet om het lijden te verklaren, maar om ons te laten voelen dat de ene God aanwezig is in licht én duisternis. In onze geschiedenis, onze wonden en onze vragen werkt een verborgen kracht. Ten diepste worden wij gedragen door een oorsprong die wij niet kennen en komen we tot voltooiing op een wijze die wij niet kunnen begrijpen.

Moge wij het zachte licht ontvangen om onze wonden niet te verbergen, maar aan te laten raken, en ze met vertrouwen toe te vertrouwen aan de hand van de Boetseerder, die ook in de donkerte zijn scheppende werk niet loslaat.

Moge het zo zijn.

Terugblik gemeentebijeenkomst 31 mei 2026

Zondag 31 mei heeft de diaconie een themabijeenkomst verzorgd.
Als onderwerp was gekozen: “vluchteling”.
Ook de preek van gastpredikant Dr. Chris Vonck had dit thema centraal staan.
Het doel van de collecte van de diaconie tijdens de dienst was het vrijwilligerswerk dat Ria Schoof-Klaassen al vele jaren doet voor de vluchtelingen op ons eiland, maar dat niet gesubsidieerd wordt!
Zij legde het doel nader uit tijdens de dienst. De opbrengst van de collecte was €330,75. De diaconie verdubbelde de opbrengst, waardoor het fraaie bedrag van €661,50 kon worden overgemaakt.

Na afloop van de dienst was er een gemeentebijeenkomst.
Nadat we voorzien waren van lekkere soep en broodjes gingen we verder met het thema.
Eén van onze diakenen was naar het nieuwe museum Fenix in Rotterdam geweest en toonde haar foto’s hiervan. In dit museum staan verhalen over migratie centraal.
Ria Schoof had als gasten een Eritreese moeder met haar twee dochters uitgenodigd. Er konden vragen gesteld worden en we kregen zo een goede indruk waar je als vluchteling tegenaan loopt in een vreemd land en waar Ria Schoof de opbrengst van de collecte voor kon gebruiken.
Tot slot was er nog een uitleg over het programma “taalmaatje” van de bibliotheek. Daaruit bleek dat Nederlands toch wel een heel ingewikkelde taal is voor vluchtelingen.
Al met al een geslaagde zondagsviering en gemeentebijeenkomst.

Jan-Jaap Maarsen en Annelies Breugem

In memoriam Eduard Aart (Eddy) de Looff

Op 24 mei overleed ons gemeentelid Eduard Aart (Eddy) de Looff.

Eddy werd geboren op 20 november 1954 in Zierikzee. Hij was het vijfde kind in het muzikaal bakkersgezin van Eduard en Riek de Looff. Een ‘achteropkomertje’ met twee zussen en twee broers boven hem. De Koninklijke harmonie Kunst en Eer zat bij de familie De Looff in het bloed.

Vader de dirigent en piccolospeler, broer Ko op de klarinet en broer Aart op euphonium. Muziek werd ook de rode draad in het leven van Eddy. Daarnaast was er de liefde voor zijn gezin. Al jong leerde hij Coby kennen en zij trouwden. Samen kregen ze twee kinderen, Andrea en Jacco en bouwden aan hun toekomst. Hij was een zeer betrokken vader en sinds de komst van de kleinkinderen een lieve opa die voor al zijn 7 kleinkinderen altijd klaar stond. Ook maakte hij zich veel zorgen om de kleinkinderen, dat wil zeggen: in wat voor wereld moeten die kinderen opgroeien?! Dat was een vraag die hem erg bezighield.

Eddy was niet alleen lid van de harmonie, maar ook lid van het muziekgezelschap KleZZ uit Zierikzee, waaruit het klarinetensemble is ontstaan dat in de vrijzinnige gemeente menig kerkdienst heeft opgeluisterd. Ondanks dat hij zelf niet kerkelijk was, genoot hij altijd van deze diensten. In 2025 kwam er slecht nieuws en begon een strijd die niet te winnen was. Maar zijn levensmotto, dat het glas altijd halfvol is, zette hij ook in deze periode door. Elke strohalm greep hij vast. Niet klagen maar hopen, dat hield hem op de been, samen met humor, veel humor. Tot de laatste dag heeft hij gevochten en uiteindelijk toch verloren.

Dat Eddy mag rusten in vrede en moge zijn gedachtenis ons tot zegen zijn.

Franck Ploum

In memoriam Hans Bergmans

Op vrijdag 24 april is Johannes Marinus Bergmans overleden. Hans werd geboren op 19 maart 1937 aan het Janneweken, waar hij tot aan zijn overlijden woonde. Hij was de oudste van 4 kinderen, 3 jongens en een meisje. Zijn moeder overleed vroeg en zijn vader hertrouwde. Het was een hecht gezin. Hans trouwde met Maatje en samen waren ze dolblij met hun dochter Monique. Hij werkte als opticien en was ruim 47 jaar verbonden aan de zaak aan het Havenpark. Hans was een sportieve man, op zijn 86ste sportte hij nog bij Laco. Al was dat op het laatst meer voor de gezelligheid. Toen zijn vrouw Maatje in 2020 moest worden opgenomen in de Cornelia bezocht hij haar dagelijks, behalve de dagen dat hij als vrijwilliger in het Watersnoodmuseum was. Ook was hij bijna 30 jaar bij de vrijwillige brandweer.
Hans was een positief ingesteld mens. Ondanks zijn lichamelijke beperkingen. Hij genoot tot het laatst van een rondje op zijn scootmobiel door de polder, samen met dochter Monique. Nog maar kortgeleden vierde hij met zijn familie in het huis van zijn dochter en schoonzoon zijn 89ste verjaardag. Hij hoopte ook zijn 90ste nog te kunnen vieren. Maar zo heeft het niet mogen zijn.
Hans was vaste bezoeker van de Vrijzinnige Gemeente in de Gasthuiskerk, altijd samen met zijn zus Ria en zijn broer Henk op de tweede rij. Trouw lid van onze gemeente. Helaas lukte het in het laatste jaar niet meer om te komen.

In een interview voor GastVrij (2021) dat Ina Braber met hem had, stond te lezen: “Hans geeft zijn leven een ruime acht. Met als motto: Altijd moed houden, morgen komt er een nieuwe dag.”

Hans, een blijmoedige man, een lief en aimabel mens, is niet meer. Moge zijn gedachtenis ons tot zegen zijn.

In memoriam Mevr. Corrie van Putte – Versprille

Een week na haar 90e verjaardag is op 30 maart overleden Cornelia Johanna van Putte-Versprille. Corrie werd geboren op 23 maart 1936 in Terneuzen en trouwde met Leendert van Putte. Samen hebben ze lange tijd geboerd op zijn ouderlijke boerderij in Zonnemaire  waar ze twee zoons kregen. Na pensionering verhuisden ze naar de Schelphoekstraat hier in Zierikzee en werd zij lid van onze gemeente.
Corrie bezocht graag de diensten en zong mee in de Cantorij.

De dood van haar man 1,5 jaar geleden had grote impact, zodanig dat ze in de Wieken moest gaan wonen. Daar leefde ze weer wat op,  maakte weer korte wandelingen met haar rollator en genoot van de ritjes met ‘onze’ Marcel Schiettekatte op de duofiets. 

Een hartelijke vrouw, die genoot van klassieke muziek, haar piano en bloemen.
Dat ze nu haar rust gevonden mag hebben. 

Moge haar gedachtenis ons tot zegen zijn.
Franck Ploum.

Gemeentebijeenkomst 8 maart

Met een voor onze kleine gemeente uitstekende opkomst hebben wij na de viering opnieuw met elkaar gesproken over de toekomst van onze gemeente. Uit de meerjarenraming blijkt dat we er tot 2033 financieel goed voor staan. Onze zorg richt zich op de vervulling van functies en taken in de komende jaren. Wij zijn hierin kwetsbaar. De kerkenraad is begonnen opties te verkennen voor een zo goed mogelijk voortbestaan van onze gemeente. Dit traject loopt nog. Het doel is dat er ‘iets klaar ligt zodra de noodzaak zich aandient’.

In Memoriam Annie Everdien Korsten

Op 5 februari 2026 overleed ons gemeentelid Annie Korsten op 91 jarige leeftijd. Ze was de jongste van vier kinderen. De familie Korsten woonde generaties lang aan het Kraanplein, waar vader handelaar was in elektrische apparaten. Na haar opleiding vond ze als kleuterleidster werk aan de Nutskleuterschool aan de Wevershoek. Vele oud-leerlingen zullen haar zeker herinneren.
Met haar zus woonde ze de laatste jaren aan de Touwbaan, en toen dat niet meer verantwoord was in Borrendamme.
In een dienst die geleid werd door Annelies Breugem in de Gasthuiskerk werd op 10 februari afscheid van haar genomen.

Overweging Dr. Petra Galama, zondag 25 januari 2026

Waar ben je?
Er zijn zinnen in de Schrift die niet alleen iets zeggen, maar die ons ook zoeken. Zinnen die niet op afstand blijven, maar die dichtbij komen, alsof ze onze naam noemen. Vandaag horen we zo’n zin. Een vraag die als een zachte stem door de avondwind gaat:

“Waar ben je?”
Niet: wat heb je gedaan?
Niet: waarom ben je zo?
Maar: waar ben je?

Die vraag klinkt in Genesis, in het oeroude verhaal over onze oorsprong en onze kwetsbaarheid. En misschien klinkt die vraag ook in onze tijd—een tijd waarin veel mensen zich verbergen: achter prestaties, achter meningen, achter drukte, achter ironie, achter een zorgvuldig opgebouwde buitenkant. En misschien herkennen wij dat wel: dat we ons verbergen zodra het spannend wordt, zodra het echt wordt, zodra we ons bloot voelen.

Genesis begint zo tastbaar, zo aards:
“Zo vormt de Eeuwige de mens, uit het stof van de aarde.”
Stof. Geen grootsheid, geen pantser. Stof dat je tussen je vingers voelt. Broos materiaal.

En dan gebeurt er iets wonderlijks:
“en blaast in onze neusgaten adem van leven.”
Wij zijn stof én adem. Aarde én inspiratie. Geschiedenis én mysterie. Dat is een revolutionaire gedachte in een wereld die mensen zo vaak reduceert tot nut: arbeidskracht, consument, migrant, dossiernummer, stemgedrag. De Bijbel zegt: nee, de mens is meer dan functie. De mens is ademdrager.

En Genesis vervolgt:
“Dan gaan de ogen van de mensen open.”
“De mensen horen de stem van de Eeuwige in de avondwind… en ze verschuilen zich.”
Dat is een van de eerlijkste zinnen uit de Bijbel. Want wie van ons kent dit niet? Dat je de stem van het geheim, de stem van God, de stem van je geweten, de stem van je roeping—dat je die soms wel hoort… maar dat je juist dan wegkruipt. Dat je denkt: nu ben ik te bloot. Nu ben ik bang. Ineens ervaren we naaktheid: kwetsbaarheid, onbeschermd zijn, gezien kunnen worden.

En dat geldt ook voor de samenleving. Wij horen de stemmen van deze tijd:

  • de aarde die zucht onder klimaatdruk,
  • jongeren die geen toekomst meer durven dromen,
  • vluchtelingen die aankloppen aan grenzen,
  • mensen die in armoede leven terwijl welvaart groeit,
  • slachtoffers van oorlog die verdwijnen achter geopolitieke analyses.

Maar God vraagt niet: “Wat is jullie standpunt?”
God vraagt: “Waar ben je?”

Waar ben je als mens? Waar ben je als gemeenschap? Waar ben je als kerk?

En zo klinkt dan die zachte vraag:
“Waar ben je?”
“Kom tevoorschijn. Durf te zijn wie je bent.”

Daar raakt de Schrift aan wat Hammerskjöld in Merkstenen zo helder formuleert:
Lichaam en ziel hebben duizenden mogelijkheden om vele ego’s op te bouwen. En we kennen die ego’s: de versie van onszelf die het goed doet, die past bij sociale ambitie en bij de “gestalte die een naam draagt tegenover de wereld”.

Maar—zegt Hammerskjöld—slechts één mogelijkheid geeft integriteit: dat de kiezer en het gekozene samenvallen. Dat je niet langer conformeert, maar jezelf wordt. En precies daar zit de spanning: als je jezelf wordt, word je ook kwetsbaar. Dan sta je daar, als mens van stof en adem. Dan kun je je niet meer verstoppen achter vormgeving of imago. Daar openbaart zich het mysterie dat leven heet.

Daarom zegt Hammerskjöld iets dat bijna hetzelfde klinkt als Genesis:
“De greep verliezen op de gestalte… de greep verliezen, om te vallen, te vallen—in vertrouwen op iets anders, iemand anders…”
Let op het woord: vallen.
Niet: jezelf overeind houden.
Niet: alles onder controle houden.
Maar: vallen— de greep verliezen, om te vallen, te vallen—in vertrouwen op iets anders, iemand anders… In vertrouwen op het mysterie dat leven heet.” 

Wat een tegenstem in een tijd waarin alles draait om beheersing: veiligheidspolitiek, grensbewaking, economische controle, persoonlijke zelfverheerlijking. Want we willen zo graag zekerheid, gelijk hebben en controle houden. Maar God-bevrijder zegt niet: wees de sterkste. God-bevrijder zegt: durf mens te zijn. En zoals Hammerskjöld heeft ervaren, is dat is een weg van eenzaamheid, van innerlijke strijd, van uiterste overgave aan integriteit. Wij hebben duizenden mogelijkheden om onszelf te ontwerpen, zegt Hammarskjöld. Maar slechts één daarvan geeft integriteit: eenheid tussen kiezen en gekozen worden. Integriteit is geen vastomlijnd begrip, maar een richtingwijzer, een innerlijk kompas. Als een mysterie stemt het onze keuzes af op het besef dat wij zelf ook gekozen worden. Een mysterie waaraan wij ons langzaam leren toevertrouwen.

En precies daar komt Irenaeus naast ons staan met dat beeld van de klei. Hij zegt: Gods ambachtelijke werk heeft zachte klei in jou verborgen. Laat je klei vochtig zijn, anders word je hard en verdwijnt de indruk van de ambachtelijke vingers.

Vochtige klei: dat is een hart dat niet dichtgeslagen is. Een mens die niet verhardt. Een mens die kan huilen, kan bidden, kan twijfelen, kan wachten, kan luisteren. Klei die ontvankelijk blijft voor het mysterie.

En hoe groot is de verleiding tot verharding vandaag:

  • verharding in debat,
  • verharding tegenover vreemdelingen,
  • verharding tegenover armen,
  • verharding tegenover wie anders denkt.

Maar God-bevrijder vraagt niet om harder te worden. God vraagt om naakt te durven zijn.

En dan zegt Irenaeus: wacht op de hand van de Boetseerder, die alles op Gods tijd doet. Dat is een diepe correctie op onze maakbaarheidsdrang. Wij willen onze vorming afronden volgens ons schema. We willen snel “klaar” zijn, liefst met een mooi eindresultaat. Maar het leven is een weg waarin je gevormd wordt—vaak juist op plekken waar je zelf niet voor gekozen zou hebben. God werkt langzaam. Zoals gerechtigheid langzaam groeit. Zoals vrede langzaam gevormd wordt.

En tegelijk: verankerd blijven in het hogere mysterie dat leven heet, zegt Hammerskjöld. Niet oppervlakkig, niet vluchtig, niet enkel opgejaagd door wat de wereld van ons verwacht. Maar trouw worden aan innerlijke integriteit.

Misschien is dat vandaag ook voor ons een politieke en maatschappelijke roeping:

  • aanwezig zijn waar mensen verdwijnen,
  • stem geven aan wie geen stem heeft,
  • zacht blijven waar de wereld verhardt,
  • mens blijven waar systemen ontmenselijken.

Misschien is dit vandaag de zachte opdracht: niet harder worden, maar zachter. Niet meer pantser, maar meer adem. Niet nog een ego bouwen, maar de greep verliezen op de gestalte. Vallen—en ontdekken dat je gedragen wordt, dat je verankerd bent in een hoger mysterie dat leven heet.

En dan verandert die vraag “Waar ben je?” langzaam van een bedreiging in een uitnodiging. Niet: “Kom tevoorschijn zodat ik je kan beoordelen.” Maar je mag gezien worden omdat je bemind bent.

Amen.


Download de overweging (pdf)

Start stookseizoen – deurbeleid

Beste gemeenteleden,

Met de koudere buitentemperaturen is het stookseizoen weer aangebroken. Om de warmte zoveel mogelijk in de kerk te houden, zal tijdens het stookseizoen alleen de ingang aan de zijde van Omoda worden gebruikt voor het in- en uitgaan van de kerk. De ingang bij het orgel blijft dan gesloten en is uitsluitend in noodsituaties te gebruiken. Dit geldt ook voor de toegangsdeur naar het kerkcentrum in het zijpad. Dit deurbeleid gaat in op zondag 26 oktober.

Het zal weer even wennen zijn om één in- en uitgang te gebruiken, vooral na afloop van de half-tiendienst. Met de andere wijkgemeente zijn hierover afspraken gemaakt. De belangrijkste afspraak is dat de bezoekers van de half-tiendienst rustig de kerk kunnen verlaten, voordat de bezoekers van de elf-uurdienst naar binnen komen. Om dit mogelijk te maken, is afgesproken dat de bezoekers van de elf-uurdienst niet voor kwart voor elf de kerk kunnen binnengaan. Wilt u hiermee rekening houden?

De Kerkrentmeesters

In memoriam Margriet Hoexum – de Graaff

Op vrijdag 19 september namen we in de Gasthuiskerk afscheid van Margriet Hoexum – de Graaff. Zij overleed op zaterdag 13 september in de leeftijd van 79 jaar.
Wanneer je Margriet in twee woorden zou moeten typeren, dan zouden dat zijn: liefdevolle verbondenheid. Margriet was van de verbinding, een mensen mens. Vooral de mensen die het dichtstbij haar stonden hebben dat ervaren. Ze was een liefdevolle echtgenoot voor Ben, voor de kleinkinderen een oma waar je altijd terecht kon en een echte warme en betrokken moeder voor haar kinderen.
Maar haar menselijke aandacht ging verder dan alleen haar eigen kring. In een samenleving die door een steeds grotere individualiteit en polarisatie uit elkaar dreigt te vallen zocht Margriet juist in de verschillen de verbinding, zij wilde samen-leven en dan niet alleen met haar meest dierbaren, maar ook in wereldwijde solidariteit.
Het delen van haar liefde en aandacht was voor haar vanzelfsprekend. Zo zei ze zelf: “dat heb ik alleen kunnen doen, omdat ik het zelf ook ontvangen heb, omdat het in mij zat en daardoor kon ik het ook weer uitdelen.” Ontvangen? Van wie? Van wat? Daar raakte het voor Margriet aan het geloofsverhaal. Ontvangen vanuit dat grote overstijgende liefdesverbond, dat in de bijbel aangeduid wordt met God.
Margriet was zeer verbonden met onze Gemeente. Hoewel ze de laatste zeven jaar van haar leven niet meer naar de vieringen en bijeenkomsten kon komen. Vele lichamelijke beperkingen kluisterden haar aan huis en maakten haar actieradius kleiner en kleiner. De kerkomroep bood uitkomst. Hoe groot was de teleurstelling wanneer de uitzending van de kerkdienst misliep. Dan voelde ze zich echt afgesneden, ‘alleen’, zonder verbinding.  Daarnaast bleef ze zichzelf ook voeden, geestelijk voeden, met de krant en literatuur, goede gesprekken met mensen die haar bezochten. Als een liefdevolle en warme deken was Margriet de laatste dagen van haar leven voortdurend omringd door haar meest dierbaren. En zo kon ze het leven loslaten en zich toevertrouwen aan licht, liefde, vrede voor altijd.

Franck Ploum

Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.

Strikt noodzakelijke cookies

Strikt noodzakelijke cookie moet te allen tijde worden ingeschakeld, zodat we je voorkeuren voor cookie instellingen kunnen opslaan.

Cookies van derden

Deze site gebruikt cookies van derden (Kerkomroep.nl)

Door deze cookie aan te laten staan help je onze site te verbeteren.